RSS

Oude(rwetse?) bibliotheekregels

Bij de balie van de zaal Bijzondere Collecties op de derde verdieping van de UB hangt een achttiende-eeuws bord met keurig geschilderde bibliotheekregels. Het is gedateerd 1775, maar ze staan ook al vermeld in de catalogus van bibliothecaris/hoogleraar geschiedenis Leonard Offerhaus, die in 1758 is gedrukt. Een ander exemplaar van zo’n bord wordt in het depot van het Universiteitsmuseum bewaard. Ook al zijn de regels in het Latijn gesteld, ze zijn nog  niet  allemaal uit de tijd.

bord-bibliotheekregels-1775.jpg

een vertaling:

Regels voor studenten en anderen die de bibliotheek, wanneer ze geopend is, willen binnengaan, waarop ze een eed moeten afleggen.

I. Wie het recht wil krijgen om de bibliotheek binnen te gaan, moet zich bij de bibliotheekbediende vervoegen met het formulier dat hij  van de bibliothecaris heeft verkregen na betaling van twee denariën ofwel schellingen, en op vertoon daarvan mag hij de bibliotheek binnengaan wanneer ze opengesteld is; voor dominees en doctores die hier gepromoveerd zijn is deze gunst gratis.

II. Wie de bibliotheek betreedt om er te studeren  op de tijden waarop ze voor het publiek geopend is, mag bij het lezen of praten zijn stem niet zodanig verheffen dat de studies van andere aanwezigen daardoor gehinderd worden en hun  aandacht wordt afgeleid.

II. Wil men een boek aanvragen om te raadplegen dan vraagt men het aan met een eigenhandig ondertekend formulier waarop het vermeld is volgens de catalogus. Dat geeft men aan de bibliotheekbediende en wordt weer terugontvangen na inlevering van het boek.

IV. Boeken die men in gebruik heeft mag  men niet bekladden met inkt, verf of potlood, of er iets in schrijven, of ze door bladen om te vouwen of op andere manieren beschadigen, laat staan ze verscheuren, wat duidelijk een zware overtreding is waarvoor alleen een zeer hoge boete genoegdoening kan zijn.

V. Men mag in de bibliotheek niet rondlopen of met iemand kletsen terwijl anderen aan het lezen of schrijven zijn.

VI. Als het tijd is en een teken daartoe gegeven, gaan allen zonder lawaai te maken weg, nadat men de gebruikte boeken aan de bibliotheekbediende heeft gegeven en, als ze op hun plaats zijn teruggezet, de formulieren daarvoor  heeft terugontvangen.

Herzien. Groningen, in het jaar MDCCLXXV.