RSS

Aanwinst: een convoluut met Socinus

faustus-socinus.jpgAan de Rijksuniversiteit Groningen, binnen de faculteit der Godgeleerdheid en Godsdienstwetenschappen, is er namens de Zwinglibond de bijzondere leerstoel voor de geschiedenis en beginselen van het unitarisme. In verband hiermee wordt aan de UB jaarlijks een budget beschikbaar gesteld om de collectie over dit onderwerp aan te vullen. Zo is onlangs een boekdeel aangeschaft waarin drie sociniaanse werken zijn samengebonden.

Jacob van Sluis, vakreferent voor filosofie en theologie, licht het belang van deze aanwinst toe:

Wikipedia omschrijft het unitarisme aldus:

“Unitarisme is een christelijke stroming die de leer van de goddelijke drie-eenheid of triniteit verwerpt (vandaar de aanduiding ‘unitarisme’). In hun opvatting van het één-zijn van God wordt Jezus Christus niet als (mede) goddelijk beschouwd, dit in tegenstelling tot de hoofdmoot van het christendom.”

Als een van de voorlopers noemt Wikipedia de beweging der socinianen. Zij op hun beurt zijn weer vernoemd naar de Italiaanse-Poolse theoloog Fausto Sozzini (Socinus; 1539-1604). Ook Socinus en de socinianen ontkenden de drie-eenheid, immers 1=3 is een logische onmogelijkheid, en ze leerden dat God één is, alleen de Vader. Dit betekent dat Jezus Christus geen goddelijke Zoon is, dus geen middelaar van goddelijke komaf kon zijn, maar hooguit een voorbeeldig mens. Daarmee wordt ook het hart van de orthodoxe verzoeningsleer geraakt: de dood van Jezus aan het kruis was geen offer voor de zonde of een genadegave.

In de vroegmoderne periode is er altijd uitzonderlijk fel gereageerd op het socinianisme. Dit in diverse landen, zowel door de heersende kerk, van welke confessie dan ook, als door de overheid. De felheid van deze reactie laat zich niet louter om theologische redenen verklaren: het ging om een aantasting van de maatschappelijke orde. Want bij de socinianen heeft God zich teruggetrokken in een absolute verhevenheid en is Hij niet meer een liefhebbende Vader die zich om de schepping bekommert: als de Zoon wordt ontkend, dan ook de eenmalige verlossing in Christus, en zonder de Heilige Geest is er evenmin een blijvende genadegave. De band tussen God en wereld wordt losser, de schepping komt op zichzelf te staan en, zo luidde de pessimistische conclusie, dan is er in de ondermaanse orde niets meer dat zich erop kan voorstaan te bemiddelen bij genade. De rol van kerk en godsdienst in de maatschappij wordt ondergraven. Socinianisme werd opgevat als een vorm van praktisch atheïsme en als een voorbode van anarchie.

Boeken van Socinus en van zijn medestanders werden dan ook prompt verboden en waren in die tijd moeilijk te bemachtigen. In Polen, rondom de uitgeweken Socinus, verzamelde zich een relatief grote groep volgelingen met de stad Rakow in Silezië als centrum. Daar was ook het centrum van hun drukwerk. Daar verscheen in 1605 ook het leerboek waaruit de socinianen onderwezen, kortweg de Rakowse catechismus genoemd.

De UB heeft recentelijk, dankzij bemiddeling van prof. dr. Piet Visser en drs. Ton Bolland, beiden te Amsterdam, een convoluut kunnen aanschaffen met drie sociniaanse werken, geschreven in het Latijn en gedrukt in Rakow. De drie boeken zijn gedrukt in het handzame octavo-formaat en samen gebonden in een contemporaine perkamenten band. De twee eerste titels zijn van de hand van Socinus, beide uit 1618. Het eerste werk is een inleiding in de “christelijke” leer in de vorm van een catechismus in vraag- en antwoordvorm. De tweede titel is een korte verhandeling, waarin Socinus nader ingaat op bepaalde theologische thema’s. Het derde werk, gedrukt in 1635, is van de hand van Johannes Crellius (Hans Krell; 1590-1633), een sociniaans theoloog van de tweede generatie. In de collectie van de RUG is deze aanwinst opgenomen onder signatuur UNIT A 2596.